Showcases: goed voorbeeld doet volgen

De duurzame transformatie van stations en sporen is een ambitie van NS en ProRail die door Bureau Spoor­bouwmeester wordt ondersteund in beleidsplannen, visies en advies bij programma’s en projecten. In deze artikelenreeks komt een aantal van de lopende projecten aan de orde als inspiratie en ter ondersteuning van alle initiatieven. In dit artikel een verhaal over de plannen die al hoog scoren op de duurzaamheidsladder: de zogenoemde Showcases. Station Helmond bijvoorbeeld.

Station Helmond werd in 2014 uitgeroepen tot het Schoonste Station van Nederland en won de Brunel Award voor spoorweg gerelateerde architectuur. ‘Het station van de toekomst!’, werd daarbij geroepen. Door niet alleen het station, maar ook juist de hele stationsomgeving in de planvorming te betrekken, krijgt duurzaamheid letterlijk meer ruimte. De integrale aanpak van openbare ruimte en bebouwing maakt het eenvoudiger om langetermijn scenario’s te integreren, zo lijkt het. Het stationsgebied in Helmond voldoet op dit moment aan de wensen, eisen en verwachtingen van de reizigers en omwonenden. Maar ook voor de toekomst is geanticipeerd op een veranderende vraag en context. Het nieuwe fietsgebouw met groen dak is bijvoorbeeld zo ontworpen, dat het kan worden uitgebreid met nog eens duizend extra plekken. Ook is het stationsgebied logistiek zo ontworpen dat het perfect functioneert als ooit de entreepoortjes weer verdwijnen.

‘Teveel mensen zien duurzaamheid nog steeds als iets losstaands, als een pakketje maatregelen voor bijvoorbeeld een bouwplan bij een station’, vertelt Jorien Maltha, programmamanager Duurzaamheid bij ProRail Stations. ‘Van dat beeld moeten we af. Een integrale aanpak draagt bij aan de levensduur van het station, aan de klantbeleving én klantwaardering. Als dat goed tussen de oren zit, dan hoeven we heel veel discussies over de noodzaak van duurzaamheid niet meer te voeren. Dan gaan we gewoon met zijn allen aan de slag’.  

Stationsscan

Met vijf breed gedragen thema’s in een integrale duurzaamheidsambitie én de instrumenten om te meten in hoeverre de ambitie is of wordt bereikt, duurt het niet lang of er ontstaan ranglijstjes: welke stations scoren het best en welke locaties hebben op niet al te lange termijn verbetering nodig. Omdat goed voorbeeld doet volgen, hebben NS Stations en ProRail gezamenlijk een aantal stations verzameld onder de noemer ‘Showcases’. Bij deze stations zijn er al maatregelen getroffen op de thema’s energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. In de Stationsscan scoren ze hoog ten opzichte van stations op vergelijkbare locaties.  

Als de nieuwe grote stations (zoals Rotterdam, Utrecht en Amsterdam) buiten beschouwing worden gelaten, dan scoort station Helmond het hoogst met de Stationsscan. Dit station – of liever: het stationsgebied Helmond – werd in 2014 opgeleverd. ‘De ambitie is van het ontwerp af te lezen. Het hele gebied straalt duurzaamheid uit’, vertelt een enthousiaste Alex Rigter, manager Duurzaamheid bij NS Stations. Om vervolgens een meer inhoudelijke verklaring daarvoor te geven. Het stationsgebied heeft een krachtige identiteit met een nieuw, flexibel bruikbaar stationsgebouw en een zorgvuldig vormgegeven openbare ruimte. Het is overzichtelijk en heeft een ruim aanbod in voorzieningen voor de reiziger. Maar er zijn ook minder zichtbare ingrepen die het project toekomstwaarde geven. Zo wordt het regenwater opgevangen en gebruikt en wekt het station de eigen energie op met zonnepanelen.  

Visie op toekomstwaarde

Het initiatief voor de grondige aanpak van het stationsgebied kwam vanuit de gemeente Helmond, vertelt Paul van der Ree, architect bij StudioSK en met collega stedebouwkundige Ivo Bastiaansen verantwoordelijk voor het plan. Het station, de fietsenstalling en het spoor vormden in de oude situatie een barrière tussen het hart van Helmond en de nieuwbouwwijk aan de andere kant van het spoor. ‘Mijn opdracht bestond in eerste instantie uit het maken van een plan voor een verkeerspassage onder het spoor door en plaatsvervangend fietsgebouw, omdat het oude hiervoor moest wijken’, vertelt Van der Ree. ‘Zelfs een deel van het bestaande station uit de jaren tachtig moest sneuvelen: een somber en gesloten gebouw, weinig flexibel en slecht gewaardeerd. En nu werd het ook nog eens geamputeerd in het nieuwe plan.’ Vanuit een visie op toekomstwaarde opperde Van der Ree om tegelijk met de totaal nieuwe opzet voor stationsplein en voorzieningen ook een nieuw station te bouwen, als er financieel ruimte in de aanbesteding zou zitten. Hij presenteerde een plan, dat bij de stakeholders gehoor vond en onder opdrachtgeverschap van de gemeente Helmond werd uitgevoerd. 

‘Het hele stationsgebied is vormgegeven als een plein voor langzaam verkeer met veel groene elementen, als een stedelijk landschap met paviljoens en stedelijk meubilair’, vertelt Van der Ree. ‘De lijnen van het plein lopen binnen de contouren van de halfronde bebouwing bij het station tot aan de overkant van het spoor. Met plantvakken, zitelementen en verschillende niveaus ontstaat zo een nieuwe organisch gevormde publieksruimte pal aan het centrum en als schakel naar de nieuwbouw. Het nieuwe station met haar ronde vormen is één van die elementen in het grotere geheel, met dezelfde vormentaal’, aldus de architect.
Het station kreeg een flexibele structuur, een groendak gecombineerd met 140 m2 zonnepanelen (‘die combinatie geeft zelfs een hoger rendement’), een lage temperatuur vloerverwarming en grijswatersysteem. Het glas-in-lood kunstwerk van het oude station kreeg een prominente plek in de wachtruimte van het nieuwe gebouw. ‘Belevingswaarde is een belangrijk onderdeel van de toekomstwaarde van zowel gebouw als openbare ruimte’, stelt Van der Ree. ‘De publiekskwaliteit wordt nu bevestigd: de stationsomgeving wordt gekoesterd en met plezier intensief gebruikt. Dat is prachtig om te zien.’